english | nederlands

RC 63 De groote hond en de kleine kat

text source

Albert Verwey, Verzamelde gedichten (Amsterdam: Versluys 1889), 208-209

first performance

1916-10-24 00:00:00.0 Amsterdam, Concertgebouw

recordings

  • Anniversary Edition 7 Et'cetera KTC 1435 CD7

publications

  • De groote hond en de kleine kat Noske, A.A. 22903653

  • De groote hond en de kleine kat
  • Verwey, Albert
  • vocaal kwartet
  • 1903-07-31 00:00:00.0 - 1903-08-01 00:00:00.0
  • duration 2:30

De precieze aanleiding voor het componeren van De groote hond en de kleine kat, een humoristische tekst van Albert Verwey, is niet gedocumenteerd, maar aan te nemen valt dat de succesvolle première van Den uil (RC 56) op 24 juni 1903 door het Zalsman-Kwartet de belangrijkste impuls is geweest. Mogelijk heeft Diepenbrock dit nieuwe stuk aan Zalsman aangeboden, maar voor zover bekend is het nooit gekomen van een uitvoering door een van diens ensembles. De première vond plaats op 24 oktober 1916, toen De groote hond en de kleine kat diende als luchtig besluit van een concert met koorwerken uit verschillende stijlperioden van de Madrigaal-Vereeniging onder leiding van Sem Dresden. Het werk werd als toegift meteen hernomen. …more >

De groote hond en de kleine kat (incipit)


De precieze aanleiding voor het componeren van De groote hond en de kleine kat, een humoristische tekst van Albert Verwey, is niet gedocumenteerd, maar aan te nemen valt dat de succesvolle première van Den uil (RC 56) op 24 juni 1903 door het Zalsman-Kwartet de belangrijkste impuls is geweest. Mogelijk heeft Diepenbrock dit nieuwe stuk aan Zalsman aangeboden, maar voor zover bekend is het nooit gekomen van een uitvoering door een van diens ensembles. De première vond plaats op 24 oktober 1916, toen De groote hond en de kleine kat diende als luchtig besluit van een concert met koorwerken uit verschillende stijlperioden van de Madrigaal-Vereeniging onder leiding van Sem Dresden. Het werk werd als toegift meteen hernomen.

Diepenbrock was enthousiast over de vertolking: Alles was meesterlijk, zonder overdrijving. Voor volgende uitvoeringen gaf hij Dresden aanwijzingen om verscheidene finesses aan te brengen door bijvoorbeeld één woord meer nasaal te laten kleuren en sommige akkoorden minder vol van klank te maken: iets droger, meer staccato. Een bepaalde plek kon wat hem betrof nog iets meer van den toon van kakelende kippen hebben: Hoe minder ‘menschelijk’ het klinkt hoe comischer. Zijn conclusie luidde: Ik ben blij dat dit mopje er is en in de provincie ook een goed slotnummer kan vormen. (BD IX:177-178)

Het humoreske zit in de declamatorische tekstbehandeling. In Diepenbrocks muziek wordt het onvermijdelijke gevecht tussen grote hond (stempaar van tenor en bas) en kleine kat (stempaar van sopraan en alt) plastisch weergegeven.

Ook andere componisten hebben Verweys De groote hond en de kleine kat getoonzet, onder wie Bernard Zweers, wiens versie voor mannenkoor in 1908 bij Alsbach te Amsterdam verscheen.

Robert Spannenberg



Een groote hond en een kleine kat
Die zaten op de kamermat;
En de hond, die zei: ‘Zeg, scheelt jou wat?
Scheer je weg!’

En de kat, die zei: ‘Jij bent een hond,
En ik een kat, niet zonder grond;
Hou jij nou maar je groote mond:
Scheer je weg!’

‘Scheer je weg: waf, waf! Scheer je weg: sis, sis!
Scheer je weg: die is raak! Scheer je weg: die 's nie mis!
Waf waf! Sis sis! Woef woef! Mauw mauw!’
En een houw en een beet en een blaf en een grauw:

En de groote hond en de kleine kat,
Die vlogen van de kamermat,
En de keuken in: ‘Zeg, scheelt jullie wat?’
En hij trapte op een teen,
En zij beet in een been
Van de meid, die riep: ‘ga je heen! o mijn been!
Scheer je weg!’

En de groote hond en de kleine kat,
Die zaten weer samen op de kamermat,
En ze lachten en praatten: ‘och hemeltje, wat
Trapte ik op haar teen!’
‘En beet ik in haar been!’
‘t Is gek, maar zoo'n mensch krijgt toch altijd wat!’


The great big dog and the little-bitty cat

A great big dog and a little-bitty cat,
They sat there on the bedroom mat;
And the dog, he said, ‘What’s wrong with you?
Get lost!’
And the cat, she said: ‘You are a dog,
And I’m a cat, and not a pup,
So you just keep your mouth shut up,
Get lost!’

‘Get lost, woof, woof! Get lost, hiss, hiss!
Get lost, got you here! Get lost, got you there!
Woof woof! Hiss hiss! Wuff wuff, meow meow!’
And a claw and a bite and a bark and a growl:

And the great big dog and the little-bitty cat,
They flew right off the bedroom mat,
Into the kitchen, ‘What’s wrong with you?’
And he tripped on a toe,
And she bit to the bone
Of the maid, who cried, ‘Go away, oh my leg!’
Get lost!’

And the great big dog and the little-bitty cat,
They’re back together on the mat,
Laughing and prattling ‘Oh heavens, my nerves!’
‘I trampled on her toe!’
‘I bit her to the bone!’
‘Someone like that gets just what she deserves!’

(transl. Ruth van Baak Griffioen)


  • A-48(7)

    • 1
    • 2
    • 3
    • 4
    • 5
    • 6

    A-48(7) dated on the last page 1 Aug 1903

    • 1903-08-01 00:00:00.0
    • location: Diepenbrock Archief Laren
    • pages: 6
  • C-3(9-17)

    C-3(9-17) dated on the first page 31 Juli 1903 and on the last page 1 Aug 1903

    • 1903-07-31 00:00:00.0 – 1903-08-01 00:00:00.0
    • location: Diepenbrock Archief Laren
    • pages: unknown

  • click to enlarge

    Anniversary Edition 7

    cd Et'cetera KTC 1435 CD7
    Nederlands Kamerkoor ♦ Stok, Klaas ♦ Gronostay, Uwe ♦ Vocaal Ensemble Markant ♦ Haenchen, Hartmut ♦ Netherlands Radio Choir ♦ Antunes, Celso ♦ Quink Vocaal Ensemble

    Tracks: #1 = RC 7; #2 = RC 36; #3 = RC 85; #4 = RC 86; #5 = RC 87; #6 = RC 38; #7 = RC 56; #8 = RC 63; #9 = RC 28; #10 = RC 5; #11 = RC 34; #12 = RC 35; #13 = RC 119; #14 = RC 57

  • De groote hond en de kleine kat

    1922 Noske, A.A.

24 okt 1916: Uitvoering van Chanson d'automne en De groote hond en de kleine kat (van dit stuk waarschijnlijk de première) in het Concertgebouw te Amsterdam door de Madrigaal-Vereeniging onder leiding van Sem Dresden. Voor de pauze werden werken gezongen uit de 13e-17e eeuw, na de pauze Verdi, Ingenhoven Debussy en Diepenbrock. De groote hond en de kleine kat moest worden gebisseerd.

Zóó had men willen luisteren tot diep in den nacht. Wat anderen als effect der muziek verlangen weet ik niet, maar dat zulk een avond, waar heel de Geist der Schwere overwonnen wordt met lichtvoetige accenten, eens in 't jaar voorkomt, leek me altijd zielig. Slechts één concert zonder levensmoede muziek, zonder dagelijksche sentimentaliteit, zonder metaphysica, zonder extase, zonder melancholie, zonder bovennatuurlijke idealen. Slechts één concert waar niets zingt dan een goddelijk-onbevangen jeugd, niets dan geestige en slanke gebaren, niets dan schimmende en blij-levende klank, humor zonder sarcasme en zonder weemoed, poëzie met een lach, vroolijke ironie en duizend zorgelooze bekoorlijkheden – één concert, dat men zou willen hooren tot diep in den nacht. — De Madrigaal-Vereeniging en haar leider Sem Dresden zijn grandioos geweest in deze oude en nieuwe levenskunst. [...] Ik zou niet weten wat te kiezen om mijne bewondering te uiten. Diepenbrock's Chanson d'Automne (Les sanglots longs des violons van Verlaine), had in zijn omnevelde herfststemming nog àl de charme van een oude ballade, zijn De groote hond en de kleine kat (Verwey), dat gebisseerd werd, hield in de virtuoze parodie nog zóóveel lyrische uitbundigheid en weelderige muziek bij de scherts, Debussy's “Yver, vous n'estes qu'un villain” (van Charles d'Orléans) gaf bij de zomerzachtheid een realistiek in den humor, die vlak naast Rabelais of Orlandus Lassus staat (ja, wie zou de geestigste zijn Debussy of Diepenbrock?) en zooveel magnifieke kleur!

De Telegraaf (Matthijs Vermeulen), 25 oktober 1916

pdf All reviews for RC 63 De groote hond en de kleine kat