english | nederlands

RC 116 Kyrie en Gloria uit de Missa in die festo

text source

Ordinarium missae (Mass Ordinary)

recordings

  • Anniversary Edition 4 Et'cetera KTC 1435 CD4

publications

  • Kyrie en Gloria voor gemengd koor, mannenkoor, vier soli en orkest
  • Kyrie en Gloria voor gemengd koor, mannenkoor, vier soli en orkest, vocal score
  • Missa in die festo in de zetting voor vier soli, gemengd koor, mannenkoor en orkest Donemus 2929350

  • Kyrie en Gloria uit de Missa in die festo (Kyrie and Gloria from the Missa in die festo)
  • solistenkwartet, gemengd koor, mannenkoor en orkest
  • 1913-01-22 00:00:00.0 - 1913-05-16 00:00:00.0
  • duration 16:00

Lange tijd is Diepenbrocks Missa in die festo – in eerste instantie voor solistisch mannenkwartet, mannenkoor en orgel gecomponeerd tussen 17 mei 1890 en 23 juli 1891, en in definitieve vorm gegoten voor tenor solist, dubbel mannenkoor en orgel tussen 22 februari 1892 en 13 maart 1894 (RC 27) – een ongelukkig lot beschoren geweest. Ofschoon het werk in 1896 verscheen in een gedrukte uitgave waar veel zorg aan was besteed, werd het niet uitgevoerd, noch op het concertpodium, noch binnen de katholieke eredienst waarvoor het bedoeld was. De mannenkoren in ons land bleken eenvoudig niet opgewassen tegen de eisen die de compositie aan de koorleden stelt op het gebied van trefzekerheid en vocale techniek. Bovendien waren de geesten binnen de bisschoppelijke beoordelingscommissie nog niet rijp om Diepenbrocks Missa een nihil obstat te verlenen teneinde te mogen klinken tijdens de liturgie. …more >


Lange tijd is Diepenbrocks Missa in die festo – in eerste instantie voor solistisch mannenkwartet, mannenkoor en orgel gecomponeerd tussen 17 mei 1890 en 23 juli 1891, en in definitieve vorm gegoten voor tenor solist, dubbel mannenkoor en orgel tussen 22 februari 1892 en 13 maart 1894 (RC 27) – een ongelukkig lot beschoren geweest. Ofschoon het werk in 1896 verscheen in een gedrukte uitgave waar veel zorg aan was besteed, werd het niet uitgevoerd, noch op het concertpodium, noch binnen de katholieke eredienst waarvoor het bedoeld was. De mannenkoren in ons land bleken eenvoudig niet opgewassen tegen de eisen die de compositie aan de koorleden stelt op het gebied van trefzekerheid en vocale techniek. Bovendien waren de geesten binnen de bisschoppelijke beoordelingscommissie nog niet rijp om Diepenbrocks Missa een nihil obstat te verlenen teneinde te mogen klinken tijdens de liturgie.

In augustus 1891, een maand na voltooiing van de eerste versie, heeft Diepenbrock in overweging genomen de compositie om te werken voor gemengd koor, orkest en orgel, maar die gedachte liet hij al spoedig varen. Daarna heeft hij gedurende vele jaren de opvatting gehuldigd dat uitvoering van deze muziek in een concertzaal een disharmonie zou geven (om niet te zeggen absurd zou worden), zoals hij in mei 1900 aan mgr. J.A.S. van Schaik verklaarde. (BD III:212) Zijn voorstelling was en bleef:

Ik heb mij de omgeving van een groote kathedraal (als de Dom van Venetië) gedacht (vandaar de respondeerende koren), waar de stemmen langs de gewelven verruischen en het orgel niets anders als een achtergrond geeft aan den zang, waardoor de chromatiek en enharmonie aanmerkelijk verijld wordt. (ibid.)

Aan dit ideaal heeft Diepenbrock nog lang vastgehouden.

Toch moet hij in de zomer van 1911 tegenover zijn vriend W.G. (Gijs) Hondius van den Broek het plan hebben geopperd de Missa om te werken voor gemengd koor en orkest – een voornemen waaraan Hondius hem op 17 november herinnert. Vanaf die tijd brengt Hondius het project geregeld ter sprake. Zo schrijft hij Diepenbrock eind mei 1912: Hoe jammer zou ’t zijn als al die schatten aan muziek alleen maar zwarte figuurtjes op ’t papier bleven. (BD VII:381) Een maand later, kort na de opvoering van Vondels Gijsbrecht van Aemstel met de toneelmuziek die Diepenbrock speciaal voor die gelegenheid had geassembleerd (RC 108), filosofeert Hondius:

Maar nu ik deze muziek eindelijk eens goed gehoord heb, kom ik te vaster weer naar mijn oude overtuiging terug, dat we den diepsten en prachtigsten Diepenbrock toch in de Mis hebben. Reyen en Te Deum en de Stabats en de Hymnen en Vondels Vaart en Im grossen Schweigen en Die Nacht en de Liederen en ’t Carmen: ik geloof werkelijk dat van dat alles in de Mis de kiem zou zijn aan te wijzen en dat ’t in de Mis allemaal al op zijn prachtigst staat. […] Ik bedoel maar: laat de menschen je Mis nu toch ook hooren. (BD VII:393)

In deze vroege compositie zag Hondius het meesterschap dus reeds ten volle gerealiseerd.

Intussen had Diepenbrock een initiatief in de gesuggereerde richting ondernomen. Volgens een dagboekaantekening van Elisabeth had hij zich medio juni door Evert Cornelis (1884-1931) de Missa op het Maarschalkerweerd-orgel in het Concertgebouw laten voorspelen.Hij was ook nu weer getroffen door de diepe stemming die erin is en door de resignatie in het finale van het Credo. Cornelis had gesproken over de parallellen die hij zag – dezelfde vrijheid van harmonieën en dissonanten – met Strauss’ Tod und Verklärung en Mahlers Eerste symfonie. (BD VII:392) Toch duurde het nog ruim een half jaar voor Diepenbrock zijn plan ten uitvoer zou brengen.

Realisering

De instrumentatie van het Kyrie verliep voorspoedig: gestart op 22 januari 1913 bereikte Diepenbrock de eindstreep op 1 februari. Het Gloria nam meer tijd in beslag: van 21 maart tot en met 16 mei.

Zowel in het Kyrie als in het Gloria heeft de componist een grotere waarneembaarheid van de afzonderlijke blokken binnen de polyfone textuur bewerkstelligd dan in de partituur van 1892-1894 waarin twee mannenkoren met eenzelfde ambitus en klankkleur aantreden. Nu hanteert hij drie verschillende klanklichamen: het solistenensemble, het gemengde koor en het mannenkoor. Zo komt het responsoriale karakter van de compositie beter tot zijn recht.

Ook de instrumentengroepen van het orkest worden geregeld bloksgewijs aangewend. Zo bepalen de houtblazers de kleur van het begin van het Kyrie, met hier en daar secondering van de melodische lijn van tweede fagot en basklarinet door celli en contrabassen. De trompetten treden pas vanaf m. 45 naar voren, als het Kyrie al voor tweederde gevorderd is.

In beide delen is voornamelijk sprake van een letterlijke transcriptie van het origineel (de stemvoering is gelijk gebleven). Het begin van het Gloria vergde een aanpassing ten opzichte van de gedrukte uitgave van 1896. Daarin opent dit deel – overeenkomstig het liturgische voorschrift in de rooms-katholieke kerk dat het Gloria door de priester wordt aangeheven – met de toonzetting van de tweede tekstregel “et in terra pax hominibus bonae voluntatis”. In de georkestreerde versie heeft Diepenbrock gekozen voor een ritmisering van de gregoriaanse intonatio in de partij van de tenorsolist, boven een paukenroffel.

Na het Gloria is Diepenbrock niet verder gegaan; hij legde de partituur terzijde, met het argument:

Ik kon het idee niet verdragen dat ik heelemaal niets nieuws onderhanden had en zonder de minste vooruitzichten van een uitvoering […] aan een werk zat te werken dat 20 jaar oud is en dat ik ook nooit gehoord heb. (BD VIII:181)

Ook nadat de Missa in die festo in oktober 1916 heeft geklonken, is Diepenbrock niet op zijn beslissing teruggekomen.

Diepenbrocks zetting van het Kyrie en Gloria voor vier vocale solisten, gemengd koor, mannenkoor en orkest werd in première gegeven op 7 januari 1950 in Maastricht, door een kwartet van vier jonge zangers, de Maastreechter Staar, de vrouwen van het Maastrichts Stedelijk Lyceumkoor en het Maastrichts Stedelijk Orkest onder leiding van André Rieu (1917-1992). Daartoe hadden Theo van der Bijl (1886-1971) en Eduard Reeser (1908-2002) het koormateriaal en de partituur drukklaar gemaakt. Het succes dat de compositie toen en ook tijdens het Holland Festival van 1961 (onder leiding van Bernard Haitink in het Amsterdamse Concertgebouw) ten deel viel, was voor het Alphons Diepenbrock Fonds aanleiding het torso te laten voltooien door Hendrik Andriessen (1892-1981). In die gedaante is het werk enige malen tot klinken gebracht.

Ton Braas



Kyrie
Kyrie eleison.
Christe eleison.
Kyrie eleison.

Gloria
Gloria in excelsis Deo.
Et in terra pax hominibus bonae voluntatis.
Laudamus te, benedicimus te.
Adoramus te, glorificamus te.
Gratias agimus tibi propter magnam gloriam tuam.
Domine Deus, Rex caelestis, Deus Pater omnipotens.
Domine Fili unigenite Jesu Christe.
Domine Deus, Agnus Dei, Filius Patris.
Qui tollis peccata mundi, miserere nobis.
Qui tollis peccata mundi, suscipe deprecationem nostram.
Qui sedes ad dexteram Patris, miserere nobis.
Quoniam tu solus sanctus, tu solus Dominus.
Tu solus Altissimus, Jesu Christe.
Cum Sancto Spiritu, in gloria Dei Patris.
Amen.


Kyrie
Lord have mercy;
Christ, have mercy;
Lord, have mercy.

Gloria
Glory to God in the highest.
And on earth peace to men of good will.
We praise You, we bless You,
we adore You, we glorify You,
we give thanks to You for Your great glory,
Lord God, heavenly King, almighty God the Father.
Lord Jesus Christ, only begotten Son,
Lord God, Lamb of God, Son of the Father.
You who taketh away the sins of the world, have mercy on us.
You who take away the sins of the world, hear our prayers.
Who sits at the right hand of the Father, have mercy upon us.
For You are the only Holy One, the only Lord,
the only Most High, Jesus Christ,
with the Holy Spirit in the glory of God the Father,
Amen.

 


  • A-8 Kyrie en Gloria uit de Missa in die festo

    A-8 containing Kyrie dated on the first page Begonnen 22 Jan 1913 and on the last page 1 Febr 1913 and Gloria dated on the first page 21 Maart 1913 Holtwick and on the last page 16 Mei 1913

    • 1913-01-22 00:00:00.0 – 1913-05-16 00:00:00.0
    • location: Diepenbrock Archief Laren
    • pages: unknown

Kyrie in de door Diepenbrock georkestreerde versie (uitvoering 1985 in Sint Janskathedraal Den Bosch)

Gloria in de door Diepenbrock georkestreerde versie (uitvoering 1985 in Sint Janskathedraal Den Bosch)

Gloria vervolg



  • click to enlarge

    Anniversary Edition 4

    cd Et'cetera KTC 1435 CD4
    Concertgebouworkest ♦ Bartelink, Bernard ♦ Radio Symfonie Orkest ♦ Spanjaard, Ed ♦ Netherlands Radio Choir ♦ Bogtman, Laurens ♦ Brand, Tom ♦ Kerkhoff, Martha van ♦ Lugt, Elisabeth ♦ Westbroek, Eva-Maria ♦ Toonkunst Koor Amsterdam ♦ Apollo Choir Soest ♦ Beinum, Eduard van

    Tracks: 1 = RC 31; 2 = RC 30; 3-5 = RC 70; 6 = RC 39; 7-8 = RC 116

  • Kyrie en Gloria voor gemengd koor, mannenkoor, vier soli en orkest

    1949 Reeser, Eduard
  • Kyrie en Gloria voor gemengd koor, mannenkoor, vier soli en orkest, vocal score

    1947 Bijl, Theo van der
  • Missa in die festo in de zetting voor vier soli, gemengd koor, mannenkoor en orkest

    1968 Donemus Andriessen, Hendrik