english | nederlands

Works

poet : Novalis

RC 37 Hinüber wall’ ich

bezetting: sopraan en piano ♦ Met Hinüber wall’ ich componeerde Diepenbrock in 1897 zijn eerste lied op een tekst van Novalis. Het gedicht stamt uit de bundel Hymnen an die Nacht, waaruit Diepenbrock in de daaropvolgende jaren nog…

RC 45 Geistliches Lied (“Wenn ich ihn nur habe”)

bezetting: sopraan en orgel ♦ Het werk van Friedrich Leopold von Hardenberg (1772-1801), beter bekend onder zijn pseudoniem Novalis, lag Diepenbrock na aan het hart. Zijn grote waardering voor het gedachtegoed van de Duitse dichte…

RC 47 Abendmahlshymne “Wenige wissen das Geheimnis der Liebe”

bezetting: sopraan of tenor en orgel ♦ Wenige wissen das Geheimnis der Liebe is het tweede van de door Diepenbrock in de herfst van 1898 gecomponeerde Geistliche Lieder uit de gelijknamige bundel van Novalis. Deze hymne is – anders dan de …

RC 49 Hymne an die Nacht “Gehoben ist der Stein”

bezetting: sopraan en orkest ♦ Geïnspireerd door de jonge Nederlandse sopraan Aaltje Noordewier-Reddingius componeerde Diepenbrock voor haar in de eerste helft van 1899 Gehoben ist der Stein, een van de Hymnen an die Nacht van de v…

RC 50 Hymne an die Nacht “Muss immer der Morgen wiederkommen”

bezetting: alt of mezzosopraan en orkest ♦ Eind 1899 voltooide Diepenbrock zijn derde compositie op een tekst uit Novalis’ Hymnen an die Nacht, ditmaal gedacht voor een lage vrouwenstem, die van de alt Pauline de Haan-Manifarges. Evenals de so…

RC 58 Abendmahlshymne “Wenige wissen das Geheimnis der Liebe”

bezetting: sopraan of tenor en orkest ♦ In juli 1902 klonk de hymne Wenige wissen das Geheimnis der Liebe op tekst van Novalis voor het eerst in de oorspronkelijke, in 1898 gecomponeerde versie met orgelbegeleiding (RC 47). Hoewel Diepenbro…

RC 72 Geistliches Lied (“Wenn ich ihn nur habe”)

bezetting: sopraan en orkest ♦ In het najaar van 1906 kon Diepenbrock zich verheugen over veel belangstelling voor zijn muziek. Dankzij de inspanningen van de in Duitsland werkzame dirigent en componist Jan Ingenhoven kwam zijn wer…

RC 84 Hinüber wall’ ich

bezetting: sopraan en orkest ♦ De orkestratie van het lied Hinüber wall’ ich (RC 37) vormt het sluitstuk van een periode waarin Diepenbrock een tiental van zijn oorspronkelijk met piano gecomponeerde liederen heeft voorzien van een…

RC 107 Weihnachtslied (“Fern im Osten wird es helle”)

bezetting: mezzosopraan en orgel ♦ Eind oktober 1909 werd Diepenbrocks Hymne an die Nacht “Muss immer der Morgen wiederkommen” op tekst van Novalis (RC 50) enkele malen uitgevoerd door het Concertgebouworkest onder leiding van Willem M…

RC 110* Lied von der Mädchen Plagen (“Sind wir nicht geplagte Wesen”)

bezetting: mezzosopraan en piano ♦ Nadat Diepenbrock in de jaren 1897-1899 een vijftal teksten van Novalis op muziek had gezet (RC 37, 45, 47, 49 en 50), duurde het een decennium voor hij weer een gedicht van de jonggestorven Duitse di…


next